Judobanden en examens

De functie van de judoband is om de judojas bijeen te houden. De kleur van de judoband geeft het niveau van de drager (judoka) aan; Als je net met judo begint, begin je met de witte band. En hoe meer je judovaardigheid toeneemt, des te donkerder wordt de kleur van de band. De oplopende kleuren zijn: wit (6e Kyu), geel (5e Kyu), oranje (4e Kyu), groen (3e Kyu), blauw (2e Kyu) en bruin (1e Kyu).

images

Ook binnen een band zijn er verschillen, de zogenaamde slippen. Dit is een kort strookje van de volgende kleur band, die aan het uiteinde van de bestaande band wordt bevestigd. Bijvoorbeeld een judoka met een witte band doet examen. Hij verdient dan 1 gele slip. Bij het volgende examen verdient hij een 2e gele slip. Het examen daarop verdient hij dan de gele band, enz.

Examens

Examens worden tweemaal per jaar (januari en juli) binnen de Shoganai afgenomen door de judoleraren. Zij bepalen aan de hand van vordering en inzet van de individuele judoka of een slip eventueel wordt overgeslagen.

De judoka’s laten tijdens het examen een aantal verschillende technieken zien, zoals valbreken. Dit houdt in dat de judoka’s judorollen maken en zijwaarts valbreken. Tevens laten de judoka’s zien: beenworpen, heupworpen en voor de gevorderde judoka zelfs offerworpen. Ook op de grond moeten ze over verschillende vaardigheden beschikken. De judoka’s moeten een aantal houdgrepen laten zien waarmee ze hun tegenstander onder controle houden. Voor judoka’s ouder dan 12 jaar komen hier armklemmen en verwurgingen bij.

Familie en vrienden zijn van harte welkom tijdens de examens.

Zwarte band:

Wie de zwarte band (DAN genaamd) wil halen, moet voldoen aan zware eisen, die internationaal bepaald zijn. Het examen moet voor een speciale commissie worden afgelegd, bestaande uit vooraanstaande judoleraren uit het district (Oost-Nederland).

Onderstaand een korte samenvatting van de voorwaarden voor het zwarteband examen:
* je moet lid zijn van de Judo Bond Nederland.
* Je moet je overige banden bij een JBN aangesloten club behaald hebben. Deze worden in het JBN paspoort afgetekend en bij de JBN geregistreerd.
* Als je een aantal jaren de bruine band hebt en je bent 16 jaar of ouder, dan mag je examen doen voor de zwarte band.

Dit kan op drie manieren:
* Door Nederlands, Europees of Wereldkampioen te worden bij de -18/ -21 of senioren.
* Door 100 wedstrijdpunten te halen
* Door een volledig examen te doen.

In de gevallen B en C moet je een oranje kaart aanvragen bij jouw district. Deze aanvraag moet getekend zijn door de judoleraar, m.a.w. die moet het wel zien zitten dat de judoka voor de zwarte band gaat. De oranje kaart moet je laten zien op wedstrijden, waar danpunten gehaald kunnen worden. Als je een wedstrijd wint van een blauwe of bruine bander dan worden de hoogste score genoteerd.

Voor de 1e dan hoef je geen kata examen te doen. Voor de 2e dan hoef je slechts een klein beetje kata, voor de 3e dan één van de twee kata’s te laten zien. Het is dus iets makkelijker om de zwarte band te halen.

In het geval C moet je dus wél nage no kata laten zien en tachi waza en ne waza technieken.
Er zijn drie examinatoren (minstens 4e dan en judoleraar B) die het examen beoordelen.